Het Zomerakkoord: wat verandert er voor uw spaargeld en personenbelasting?

13 september 2017 - Kevin Deglin

De zoektocht naar een nieuw begrotingsevenwicht leidde de federale regering naar een aantal maatregelen omtrent uw spaargeld en belastingen. Al deze maatregelen werden op 26 juli 2017 vastgelegd in het zogenaamde Zomerakkoord. We zetten de belangrijkste gevolgen voor uw persoonlijke financiën nog even helder voor u op een rijtje.

Let wel: deze maatregelen moeten nog vertaald worden in fiscale wetgeving. Tot dan kunnen er nog wijzigingen worden aangebracht.

1. Spaarfiscaliteit

Een aantal maatregelen uit het Zomerakkoord hebben een directe impact op uw spaargeld, met name de manier waarop het belast wordt.

  • Abonnementstaks: Het akkoord voorziet in een nieuwe jaarlijkse taks op effectenrekeningen. De beoogde beleggingen betreffen aandelen, obligaties en fondsen. Pensioensparen en levensverzekeringen blijven buiten schot. De taks bedraagt 0,15% voor de gevaloriseerde effectenrekeningen van 500.000 EUR en meer per belastingplichtige. De nieuwe taks is van toepassing op alle (Belgische en buitenlandse) effectenrekeningen aangehouden door Belgische Rijksinwoners. De taks is niet verschuldigd door vennootschappen of rechtspersonen.
  • Dividenden: Dividenden ontvangen door natuurlijk personen worden vanaf 2018 vrijgesteld van roerende voorheffing ten belope van 627 EUR per jaar.
  • Spaarboekjes: De belastingvrije grens voor intresten op spaarboekjes wordt vanaf 2018 verminderd tot 940 EUR per jaar. Dit is een halvering in vergelijking met het huidige vrijgestelde bedrag van 1.880 EUR per jaar.
  • Collectieve beleggingsfondsenMomenteel worden meerwaarden op aandelen (gerealiseerd door Belgische Rijksinwoners) in collectieve beleggingsfondsen onderworpen aan 30% roerende voorheffing, wanneer het een beleggingsfonds betreft dat voor minstens 25% belegt in obligaties. Vanaf 2018 zou deze 25%-grens worden afgeschaft.
  • Beurstaks: De beurstaks bij aan- of verkoop van aandelen zou stijgen van 0,27% naar 0,35%. Voor obligaties zou de beurstaks stijgen van 0,09% tot 0,12%. Het maximumplafond voor de beurstaks per transactie blijft ongewijzigd.
spaarformules

2. Pensioenmaatregelen

Op het vlak van pensioenen worden een aantal wijzigingen verwacht in de fiscaliteit van de aanvullende pensioenopbouw.

  • Pensioensparen: In de huidige regeling geldt er een belastingvermindering van 30% voor stortingen in het kader van pensioensparen, tot een maximumbedrag van 940 EUR per jaar. Vanaf 2018 zou men ook kunnen kiezen voor een formule waarbij tot 1.200 EUR (per jaar) kan gestort worden in kader van pensioensparen, maar met een belastingvoordeel van 25%.
  • Aanvullend pensioen voor zelfstandigen: De regering heeft besloten over te gaan tot de implementatie van een aanvullend pensioenplan voor zelfstandigen. De regeling moet nog verder uitgewerkt worden, maar er wordt verwacht dat een gelijkaardige regeling wordt uitgewerkt als voor de individuele pensioentoezeggingen voor bedrijfsleiders.
  • Bijdrage werknemers in de groepsverzekering van de onderneming: De regering wil werknemers vanaf 2018 de mogelijkheid bieden om persoonlijke bijdragen te storten in de groepsverzekering. Op verzoek van de werknemer moet de werkgever deze persoonlijke bijdrage (bedrag te bepalen door de werknemer) afhouden van het nettoloon. Het fiscaal regime dat van toepassing is op deze bijdragen zou hetzelfde zijn als voor de pensioenplannen gefinancierd door werkgeversbijdragen.